De zon sun soleil

In November was er de supermaan. De maan leek toen volgens sommigen helderder en groter dan gewoonlijk. Vandaag is er sprake van een superzon. Is er deze keer ook weer sprake van een opgeklopte hype?

Omdat de maan in een elliptische baan rond de aarde draait (in plaats van cirkelvormig), klopt het inderdaad dat er momenten in de tijd ontstaan dat de maan en de aarde het dichtste tegenover elkaar gepositioneerd zijn. Maar het verschil tussen de grootste en de kleinste zichtbare maan is slechts 16%. En dat verschil is niet met het blote oog te zien. Bovendien is het optische effect van de maan veel meer van belang voor onze ogen. Als de maan dicht tegen de horizon staat - en je het met andere objecten kunt vergelijken zoals bomen of huizen - lijkt onze naaste buur (onterecht) groter te zijn dan wanneer hij zich hoog aan de hemel bevindt.

Volgens wetenschapsjournalist Carl Koppeschaar (die deze ochtend te gast was bij het Radio 1 Journaal) hebben we vandaag dus met een superzon te maken. Want ook de baan tussen de aarde en de zon is niet helemaal rond. Maar ga ook nu alsjeblieft niet naar buiten om te kijken of nu wel een verschil in grootte lijkt te zijn. Zelfs met een zonnebril is naar de zon staren erg gevaarlijk voor de ogen. Bovendien is het vergeefse moeite. Het verschil in de grootte tussen enerzijds de zon in een situatie waarin ze het verst van de aarde afstaat, en een superzon anderzijds, is slecht 3,4 procent. Nog kleiner dan bij de maan dus.

De zon mag vandaag eveneens zeven procent helderder zijn, ook daar zullen wij in het Noorden niets van merken inzake temperatuur. Allereerst is de afstand van de zon tot de aarde momenteel niet zo van belang, omdat de baan van de aarde om de zon in deze tijden bijna cirkelvormig is. Bovendien is de temperatuur in een gebied ook van meerdere klimaat- en weerfactoren afhankelijk is.

De Elfstedentocht niet meer veraf?

Toch moet je volgens Koppeschaar de afstand van de zon tot de aarde weer niet helemaal onderschatten: ‘Over een periode van honderdduizenden jaren evolueert de baan van de aarde om de zon weer naar een meer ellipsvormige, langgerektere baan. En dan beleeft de aarde weer een ijstijd zoals in het verleden. De zomers in jaren van ijstijden zijn extreem warm, maar de winters snerpend koud.’

En verrassend: een nieuwe, kleinere, ijstijd zou al eens in 2030 kunnen voorvallen. Maar dat komt dan vooral door de activiteit van de zon, waarvan wetenschappers vermoeden dat deze de komende jaren minder zal worden. Een nieuwe Elfstedentocht (waarvan de laatste precies vandaag 20 jaar geleden plaatsvond) zou dus misschien sneller mogelijk zijn dan we eerst dachten. Hopelijk strooit de klimaatopwarming geen roet in het eten.

Klik hier om het gesprek met Koppeschaar terug te luisteren.