Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Verspreiding van Indo-Europese talen

Anatolië is de geboorteplaats van de Indo-Europese talen, concluderen taalkundigen uit hun onderzoek naar de verwantschap tussen talen.

Ongeveer de helft van alle mensen op aarde heeft een Indo-Europese taal als moedertaal. Tot deze taalfamilie behoren niet alleen Germaanse talen, waar het Nederlands toe behoort, maar ook Slavische, Romaanse en Indo-Iraanse talen. Wetenschappers zijn het er wel over eens dat deze talen allemaal dezelfde oorsprong hebben, maar over het waar en wanneer verschillen de meningen.

Grofweg zijn er twee scenario’s. Het ene kamp houdt het erop dat ze zo’n 6.000 jaar geleden ten noorden van de Kaspische Zee zijn ontstaan, de zogenoemde Koerganhypothese. Het andere kamp denkt dat Anatolië, gelegen in het huidige Turkije, 8.000 tot 9.500 jaar geleden de bakermat vormde. Voor beide theorieën bestaan archeologische aanwijzingen, en ook genetisch onderzoek heeft tot dusver geen uitsluitsel gegeven.

Taalkundig onderzoek wijst nu Anatolië aan als geboorteplaats, schrijven onderzoekers in Science. Ze komen tot die conclusie op basis van een statistische methode die ze hebben geleend van biologen die op zoek waren naar de oorsprong van een bepaald virus. De biologen keken daarbij naar de overeenkomsten en verschillen in genetisch materiaal. Gekoppeld aan kennis over hoe snel DNA gemiddeld verandert – door mutatie en recombinatie – en waar de verschillende varianten voorkomen, kun je bepalen waar en wanneer de laatste gezamenlijke voorouder geleefd moet hebben.

Ster, star, aster
In plaats van naar genetisch materiaal hebben de taalkundigen gekeken naar de verschillen en overeenkomsten tussen bepaalde woorden in 103 verschillende talen. Ze richtten zich daarbij op de zogenoemde cognaten, woorden die een gemeenschappelijke oorsprong hebben. Denk bijvoorbeeld aan die fonkelende lichtpuntjes aan de nachtelijke hemel, die afhankelijk van de taal onder meer ster, star, stern, stjer of aster heten. Door te kijken hoeveel cognaten talen met elkaar delen, en hoeveel ze op elkaar lijken, kun je de evolutie van taal in kaart brengen.

De resultaten van Bouckaert en consorten zijn consistent met archeologische vondsten die wijzen op de verspreiding van de landbouw via de Balkan naar Europa. Toch zijn de onderzoekers huiverig om te concluderen dat de verspreiding van de landbouw de grote drijvende kracht achter de verspreiding van de Indo-Europese talen is. Veel talen ontwikkelden zich namelijk pas tussen 2.000 en 4.500 jaar geleden, terwijl de landbouw zich al veel eerder had verspreid. Hoe dan ook, het onderzoek maakt het wel minder waarschijnlijk dat de nomaden van de koergancultuur de oervaders zijn van onze moedertaal.

 Remco Bouckaert e.a., ’Mapping the origins and expansion fo the Indo-European language family’, in Science, 24 augustus 2012.