Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN

Het plankton in deze video kan kleine deeltjes plastic naar de bodem van de oceaan laten zinken. Het is een aanwijzing dat het plastic-probleem mogelijk nog ingewikkelder is dan we al dachten.

Vele dieren in de natuur zien plastic deeltjes als potentieel voedsel. En heel vaak is het eten van die stukjes plastic niet goed voor hun gezondheid. Zo kan het onder meer leiden tot verstopping van het spijsverteringsstelsel, vergiftiging, of verstoring van hormonen.

Plankton, hele kleine waterdiertjes, staan er ook om bekend dat ze kleine stukjes plastic (micro-plastic) in zich op kunnen nemen. Misschien heb je al wel eens gehoord dat grotere zeedieren grotere hoeveelheden micro-plastic in zich opslaan, doordat ze de plastic etende plankton eten. Zo bestaat er een kans dat de plastic deeltjes via zeedieren in het mensenlichaam terechtkomen.

Mantelvisjes, een veel voorkomend type plankton die maar enkele centimeters groot zijn, laten dit plastic naar de bodem van de oceanen zinken wanneer ze het plastic uitpoepen. Dat hebben onderzoekers uit Californië ontdekt.

Is op de zeebodem liggend plastic een goede oplossing?

Waarschijnlijk niet. Indien we bijvoorbeeld microplastics uit de oceanen willen filteren, dan zouden we dieper moeten gaan werken en dat is moeilijker en kostbaarder. Ook kunnen diertjes die op de zeebodem leven weer microplastics eten en andere ecosystemen aantasten.

Een voordeel is dat de mantelvisjes meestal niet op de hoogte zwemmen waar de microplastics rondzweven. Maar volgens de onderzoekers doen andere soorten plankton dat wel. Daarom willen ze verder onderzoeken of ook het uitgescheiden plastic van deze types plankton naar de zeebodem zakt. In ieder geval blijft het risico bestaan dat andere zeediertjes de plastic bevattende mantelvisjes of ander plankton opeten.

De vloek achter ons plastic-gebruik

Plastic heeft vele voordelen: het is licht, stevig, waterafstotend en goedkoop om te maken. Maar wanneer het in de natuur terecht komt is het erg moeilijk om af te breken. Het gebrek aan zuurstof-atoom in de structuur van plastic maakt het voor de meeste bacteriën ook een onaantrekkelijke stof. En zij spelen vaak een cruciale rol in het afbraakproces. In water lost plastic bovendien moeilijk op.

Daarnaast is nieuw plastic maken vaak gemakkelijker en goedkoper dan het te recyclen. De ontdekking van een bacterie en een rups die plastic kunnen eten verandert hier voorlopig niets aan. Volgens onderzoekers uit het blad Science Advances is er al 8,3 miljard ton plastic gemaakt, waarvan er slechts 9 procent gerecycleerd is. Ondertussen zijn er al zes plastic soepen in de oceanen gerapporteerd, waaronder een in het Noorden van de Atlantische Oceaan.