Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Pinocchio

Klaas is de mol. Of toch Annemieke of Tim? Tot de finale van Wie is de Mol? komende zaterdag breken ruim 2,5 miljoen Nederlanders er hun hersens over. Maar kun je het eigenlijk wel te weten komen en waar moet je dan op letten?

Als kijker kun je de kandidaten niet aan een kruisverhoor onderwerpen of aan een leugendetector hangen. Je zult het dus moeten doen met wat je ziet en hoort. Maar ook dat is bijzonder lastig, want de afleveringen zijn zo gemonteerd dat ze iedereen verdacht maken en je op het verkeerde spoor zetten. Kun je dan wel weten wie de mol is? 'Ik betwijfel het,' zegt Ewout Meijer, universitair docent forensische psychologie aan de Universiteit Maastricht en auteur van het boek Memory detection.

Micro-expressies

Veel mensen denken dat je leugens kunt herkennen aan lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen. Zo zouden volgens de populaire theorie van de Amerikaanse psycholoog Paul Ekman micro-expressies de leugenaar verraden. Je gezicht laat namelijk kleine, oncontroleerbare bewegingen zien als je emoties probeert te onderdrukken. Helaas: ‘Wetenschappelijke evidentie voor de bruikbaarheid van micro-expressies voor leugendetectie bestaat niet,’ zegt Meijer.

Dat geldt ook voor het idee dat de richting waarop je je ogen beweegt verraden of je de waarheid spreekt of liegt. Volgens de pseudowetenschappelijke methode van het neurolinguïstisch programmeren (NLP) zou je liegen als je naar linksboven kijkt. Ook dit verwijst Meijer op empirische gronden naar het rijk der fabelen.

Non-verbaal werkt niet

'De hoofdregel is dat je niet naar het non-verbale gedrag moet kijken,' stelt Meijer. Al die uiterlijke signalen zijn namelijk gekoppeld aan het feit dat je al dan niet zenuwachtig zou zijn. Je kunt namelijk zenuwachtig zijn als je liegt, maar ook als je bang bent dat de ander denkt dat je liegt. ‘Als je al naar gedrag kijkt, dan zou je eerder moeten kijken of iemand minder beweegt,’ zegt Meijer. ‘Liegen vergt namelijk veel van je hersenen en daardoor heb je minder capaciteit over voor je gebaren. Maar ook hier is het effect zo zwak dat het in het dagelijks leven niet toe te passen is.’

Het feit dat het niet zoveel helpt om bij Wie is de Mol op non-verbaal gedrag af te gaan, blijkt uit de voorspelling van Job Boersma. Hij is trainer op het gebied van micro-expressie en leugendetectie en schrijver van het boek Ik weet dat u liegt. In 2015 voorspelde hij foutief dat Rik de mol zou zijn. Dat Boersma de voorspelling aangaat vindt Meijer dapper. ‘Meestal wagen experts zich niet vooraf aan voorspellingen. Maar toen bijvoorbeeld bekend werd dat Lance Armstrong had gelogen, wees een leger van experts op momenten waarop zijn lichaamstaal liet zien dat hij loog.’

Wat wel werkt

Aan je ogen heb je dus niet zo veel. Wat kun je dan wel gebruiken? ‘Vergeet de non-verbale communicatie en luister vooral heel goed naar de inhoud van wat mensen zeggen,’ adviseert Meijer. Zo geven mensen die de waarheid vertellen meer details, liegen ze, dan blijven ze eerder oppervlakkig. Ook vermijden leugenaars controleerbare gegevens over hun alibi. Mensen die weten dat je niet naar uiterlijk vertoon moet kijken en die getraind zijn in het letten op de inhoud, kunnen in 70 procent van de gevallen goed voorspellen of iemand liegt.

Honderd procent zeker weten wie de mol is, is dus een illusie. En misschien is dat ook wel de charme van het programma.

Finale Wie is de Mol?, zaterdag 20:30 NPO 1