Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Pelagia

Op dit moment steekt onderzoeksschip Pelagia de Atlantische Oceaan over. Het doel van de wetenschappers aan boord: achterhalen hoe naar zee geblazen woestijnstof klimaatverandering beïnvloedt. Journalist Ronald Veldhuizen vaart mee. In deel 4 van zijn reisverslag schrijft hij over de wezens die uit het zeewater van de blusinstallatie worden gefilterd.

‘Ben ik een massamoordenaar? Jazeker.’ De zeef waarin marien geoloog Brett Metcalfe zeewater spuit, krioelt van klein, levend grut. Het is krioelend plankton. Onder de microscoop zijn er slakjes, garnaaltjes en kreeftachtige copepoden te zien, zwemmend door een brei van eencellige diertjes en algen.

Nu grijpt Metcalfe, eventjes zwalkend omdat het schip over een golf rolt, naar een andere fles. Het is gedistilleerd water, volledig ontdaan van alle mineralen. Daarmee spoelt hij het oceaanwater van het plankton af. Hoewel alleen al deze handeling in principe fataal is voor het minuscule zeeleven, komt de genadeklap vanuit een andere hoek. Metcalfe stopt het plankton in een plastic zakje, schrijft er de datum en tijd op en legt het in een vriezer, op een stapel van eerder ingevroren planktonmonsters. En de stapel is hoog: er liggen nu al tachtig zakjes.

Hoewel deze expeditie in de eerste plaats draait om de invloed van woestijnstof op de Atlantische Oceaan en klimaatverandering, biedt de tocht promovendus Metcalfe een uitgelezen kans om een zijspoor te onderzoeken: een dwarsdoorsnede van tropisch plankton vastleggen, van Afrika naar de Cariben.
 

Mysterie

‘Plankton is een verdomd mysterie’, zegt Metcalfe. ‘De zeeën zijn ermee afgeladen en we hebben geen idee waar het allemaal blijft. Maar het is wel de basis voor de complete voedselketen in zee. Als je klimaatverandering wil begrijpen, moet je ook het plankton begrijpen.’

Sommige dingen zijn zeker: zo zinkt plankton naar de zeebodem, waar het metersdikke lagen aan aardgeschiedenis afzet (zie deel 3 van dit reisverslag). Maar er zijn ook grote vragen, zoals de deep scattering layer. Dat is een laag plankton op grofweg één kilometer diepte die sonargeluid zo afketst dat de scheepvaart het een tijdje voor de zeebodem aanzag. En die ‘bodem’ verandert van diepte met een dag- en nachtritme. ‘We begrijpen nog lang niet hoe al die kleine diertjes door de watermassa bewegen’, zegt de promovendus.

Het grote probleem met onderzoek naar plankton is volgens de marien geoloog dat het niet op gebruikelijke manier valt te bestuderen. ‘Een ecoloog op land kan bij wijze van spreken elke dag hetzelfde stukje grasland bezoeken en turven wat er rondrent. In zee kun je dat vergeten: die is constant in beweging, en het plankton beweegt mee. Het water dat je de ene dag bemonstert, kan de volgende dag kilometers verderop zijn.’

W24 Blog 4 Foto 3

Brandblussysteem

Om beter te begrijpen hoeveel plankton daadwerkelijk in de oceanen zit en in welke richtingen het beweegt, is het dus noodzakelijk om over zoveel mogelijk afstand, diepte en tijd te meten. Voor het meten van plankton over grote afstanden, komt het expeditieschip goed van pas. Gedurende de overtocht van de Canarische Eilanden tot aan Sint Maarten, pompt de Pelagia continu zeewater naar binnen.

Officieel is dat bedoeld om het brandblussysteem van het schip paraat te houden, maar zolang een inferno uitblijft is het voor Metcalfe een ideale manier om een dwarsdoorsnede van Atlantisch plankton over de grootst mogelijke afstand te vangen. Aan het eind van de slang heeft hij een net met een filter gehangen waarin het plankton achterblijft.

‘Het is eigenlijk een heel oud en simpel systeem’, zegt Metcalfe. ‘En omdat elk schip zo’n brandblussysteem heeft, kan in principe heel de scheepvaart meedoen. Het gebeurt al veel op Franse commerciële schepen.’

Interessante resultaten met deze methode zijn er al, merkt de promovendus op. Onderzoekers van de universiteit van Plymouth haalden er dit jaar nog het tijdschrift Nature Climate Change mee. Ze verzamelden 60 jaar aan planktonpompgegevens van de Noord-Atlantische scheepvaart en constateerden dat de hoeveelheid plankton daar af lijkt te nemen. ‘De precieze betrouwbaarheid hiervan is nog een discussiepunt’, relativeert de promovendus, ‘maar de hoeveelheid gegevens die je verzamelt is ongelofelijk.’
 

W24 Blog 4 foto 5

Bevriezen

Planktonpompresultaten over de tropische Noord-Atlantische Oceaan, waar de Pelagia nu vaart en Metcalfe zijn monsters verzamelt, zijn er nog weinig. Om een dag- en nachtritme van planktonbeweging te ontwaren, verwisselt de promovendus het filter elke zes uur. In vrijwel de meeste gevallen spoelt Metcalfe het plankton van het filter af en verpakt hij het in vrieszakjes; soms bekijkt hij het alvast ter plekke.

‘Het zou leuk zijn om ze in leven te kunnen houden, maar dan gaan ze elkaar opvreten’, zegt hij. ‘Als je wil weten wat erin zit op het moment dat je je monster neemt, is bevriezen de enige optie. En het mooie is dat op deze manier iedereen op de universiteit ernaar kan kijken.’

De eerste kans om het plankton opnieuw onder de loep te nemen moet echter wachten tot volgend jaar. Dat geldt voor alles dat het wetenschapsteam de afgelopen maand verzameld en opgeslagen heeft. Diepzeeklei, filters met woestijnstof en bacteriën en andere bemonsteringen blijven aan boord van de Pelagia, die nog twee andere expedities zal herbergen en heel de maand december en januari nodig heeft om naar Nederland te varen.