Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
autisme

Autisten hebben problemen met het begrijpen van de gevoelens en bedoelingen van anderen, wordt vaak aangenomen. Maar hun spiegelneuronen lijken prima te werken. Begrijpen ze anderen misschien maar al te goed?

Spiegelneuronen zijn een bijzonder deel van je hersenen. Ze stellen je in staat om de gevoelens, bedoelingen en doelen van anderen te begrijpen. Spiegelneuronen worden namelijk actief op het moment dat je een bepaalde actie uitvoert, maar ook als iemand anders diezelfde actie uitvoert. Ze spiegelen als het ware het gedrag van de ander.

Laat je bijvoorbeeld mensen het spelletje Hints spelen terwijl je tegelijkertijd hun hersenactiviteit in de gaten houdt, dan zie dat het brein van de mensen die moeten raden een soort mentale spiegel vormt van het brein van de uitbeelder. Dankzij de spiegelneuronen, lieten Nederlandse onderzoekers recentelijk nog zien in het Amerikaanse PNAS.

Spiegelneuronen spelen daardoor een belangrijke rol in sociale interactie. Dat is de reden dat wetenschappers al een tijdje vermoeden dat er in autisten iets mis is met hun spiegelneuronen. Autisme wordt immers gekenmerkt door het onvermogen om de gevoelens en bedoelingen van anderen te herkennen en interpreteren, waardoor een sociale handicap ontstaat.

Actief gespiegel
De Amerikaanse onderzoeker Ilan Dinstein was hier echter niet van overtuigd en nam een groep autisten nader onder de loep. Samen met een aantal collega's liet hij ze een aantal menselijke uitdrukkingen zien, en hielden tegelijkertijd nauwlettend de activiteit van de spiegelneuronen in de gaten. En wat bleek? De spiegelneuronen waren bijna net zo actief als bij mensen zonder autisme, schrijft hij in Neuron.

Hun conclusie: autisme lijkt niet het gevolg te zijn van een defect aan de spiegelneuronen. Maar is die conclusie ook gerechtvaardigd? De 'uitdrukkingen' die de proefpersonen te zien kregen, bestonden namelijk uit menselijke handen die dingen uitbeeldden als een schaar, een geweer en het alles-is-goed-gebaar (duim omhoog). Autisten zijn dus in staat om bepaalde (hand)bewegingen te begrijpen en interpreteren. Dat is nog iets heel anders als het begrijpen van gevoelens en bedoelingen.

Dat lijkt ook de overtuiging te zijn van Vilayanur Ramachandran, een van de neurowetenschappers die autisme toeschrijft aan fouten in het functioneren van de spiegelneuronen. 'De experimenten van Dinstein en consorten zijn elegant en belangrijk, maar onze hypothese staat nog steeds,' laat hij Noorderlicht weten in een reactie. 'De klassieke gebreken van autisme bestaan uit het onvermogen om het perspectief van iemand anders aan te nemen, anderen te imiteren, te doen alsof, het onvermogen om medegevoel te tonen en ervaren, en nog wat zaken. Het is door vier onafhankelijke studies aangetoond dat die gebreken zijn te herleiden tot het spiegelneuronensysteem.'

Wel laat hij de mogelijkheid open dat de spiegelneuronen zelf wel goed werken, maar dat hun signalen door een ander deel van de hersenen niet goed worden opgepikt. 'Net zoals diabetes kan worden veroorzaakt door een te laag insuline-gehalte, maar ook door een defect aan insuline-receptoren', aldus Ramachandran. 'De fout kan verderop in het netwerk zitten.'

Intense wereld
Dat zou dan in overeenstemming zijn met de resultaten van het onderzoek van Dinstein, dat immers heeft laten zien dat in ieder geval een deel van het spiegelneuronensysteem van autisten goed werkt. Maar er is ook nog een andere mogelijkheid, namelijk dat autisten niet te weinig voelen, maar juist te veel. Dat hun hersencellen juist hyper-actief zijn, waardoor alle indrukken zo heftig worden dat autisten zich uit een soort van zelfbescherming terugtrekken in hun eigen wereld. De Zwitserse onderzoekers Henry en Kamila Makram hebben dit het Intense World Syndrome genoemd.

Sommige autisten kunnen zich uitstekend vinden in de theorie van Makram. 'Ik ben juist erg empathisch,' zegt een van hen. 'Als ik een kamer binnenloop dan voel ik wat iedereen voelt, en ik denk dat veel autisten dat hebben. Het probleem is dat het sneller binnenkomt dan ik het kan verwerken.'

Ramachandran kijkt daar niet van op. 'Als reguleringsmechanismes in het brein niet goed werken, kan dat zowel tot overactiviteit leiden als tot een gebrek aan activiteit. Tegenwoordig denk ik dat allebei [bij autisme] een rol spelen. Dat hebben wij trouwens een aantal jaren geleden al voorgesteld. Dat doet niets af aan het Zwitserse onderzoek, maar als Makram verder heeft kunnen kijken, dan was dat omdat hij op de schouders van giganten stond.' Inderdaad: de schouders van Ramachandran en zijn collega's.

Er zal ongetwijfeld nog veel onderzoek worden gedaan naar de precieze oorzaken van autisme, maar duidelijk is wel dat spiegelneuronen een essentiële rol spelen. Of ze nu te hard werken of te weinig doen.

Ilan Dinstein e.a., ‘Normal movement selectivity in autism’, in Neuron, 12 mei 2010.
Marleen Schippers e.a., 'Mapping the information flow from one brain to another during gestural communication', in Proceedings of the National Academy of Sciences, 3 mei 2010.
Henry Makram e.a., 'The intense world syndrome - an alternative hypothesis for autism', in Frontiers in Neuroscience, november 2007.