Compassie

Wetenschappers laat van u horen! Deze oproep klinkt van verschillende kanten nu de verkiezingen voor de deur staan en feiten er nauwelijks meer toe doen. Maar hoe overtuig je sceptici van het belang van wetenschap? Het begint met luisteren.

Zorgen over het negeren van wetenschap en feiten zingen al even rond, maar namen exponentieel toe met de verkiezing van Donald Trump. Duizenden wetenschappers, waaronder een flinke lijst Nobelprijswinnaars, stuurden eind vorig jaar een open brief aan de president-elect. Hierin riepen ze hem op om beleidsbeslissingen te baseren op wetenschappelijk onderbouwde feiten en niet op meningen. Gezien de mensen die hij sindsdien op belangrijke posities plaatste, lijkt hij zich daar weinig van aan te trekken. Ook in Nederland hebben een aantal politici overduidelijk weinig respect voor wetenschap en een groot deel van de kiezers lijkt dat helemaal geen bezwaar te vinden.

Zorg in academische kringen

De breed gedragen zorg in academische kringen heeft zich de laatste maanden vertaald in de oproep richting wetenschappers zich actief te mengen in het publieke debat. Zo schreef de Utrechtse socioloog Matthijs Rooduijn in december in een column in Nature dat het bestuderen van populisme niet langer genoeg is. Hij vindt dat wetenschappers de ‘morele verplichting hebben om de liberale democratie te beschermen’. Begin dit jaar riep de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen bij monde van president José van Dijck en vicepresident Wim van Saarloos in een opiniestuk in NRC-Handelsblad wetenschappers op om als ‘hoeders van de feitelijkheid’ en docenten als ‘ambassadeurs van de rationaliteit’ op te treden. In diezelfde week publiceerde de redactie van toonaangevend wetenschappelijk tijdschrift Nature een soortgelijke oproep.

Wetenschappers (en zij die ook waarde hechten aan wetenschap) moeten dus aan de bak. Maar hoe doe je dat? Sceptici overtuigen van de waarde van wetenschap is geen eenvoudige opgave. Veel mensen zien een beroep op de wetenschappelijke consensus niet als een overtuigend argument. Dat ervaren we op de redactie van De Kennis van Nu wanneer we schrijven over het klimaatdebat, de evolutietheorie of vaccineren. Kijk maar eens naar de reacties onder dit Facebookbericht. Met nog meer feiten komen, werkt niet.

Schokeffect

Dat is ook de ervaring van huisarts Corien Heemstra-Borst. In een opiniestuk in NRC-Handelsblad dat ze zelf als ‘persoonlijk, niet genuanceerd, niet wetenschappelijk en bedoeld om bang te maken’ typeert, bedient ze ‘prikcritici’ van het soort argumenten dat zij zelf gebruiken. Tegenstanders komen vaak met horrorverhalen uit persoonlijke kring (of van horen zeggen) om te blijven volhouden dat je bijvoorbeeld autisme krijgt van het BMR-vaccin, in weerwil van het torenhoge wetenschappelijke bewijs dat het tegendeel aantoont. Dus zette Heemstra-Borst een aantal gruwelijke verhalen uit haar eigen praktijk op een rijtje. Een door wanhoop ingegeven strategie. ‘En het moet helpen, anders sta ik misschien over een paar jaar weer machteloos toe te kijken bij een onnodig microcephaal kind, en ben ik peutertjes aan het reanimeren die helemaal niet ziek hadden hoeven worden,’ schrijft de huisarts.

Of het schokeffect van Heemstra-Borst werkt, moet nog blijken. Wat inmiddels wel duidelijk is, is dat het averechts werkt als wetenschappers een moreel superieure houding innemen en hun autoriteit inzetten om te overtuigen. Dat roept een vergelijkbare irritatie op als wanneer niet-drinkers en vegetariërs hun keuze om bier dan wel vlees te laten staan beargumenteren door zich te beroepen op moraal. In 2014 boog een commissie van de University College London zich over de precaire kwestie van de communicatie over klimaatverandering. Klimaatwetenschappers zien hun wetenschappelijke bewijzen vaak wegens emotionele, politieke of ideologische redenen in de prullenbak verdwijnen. De commissie onderschrijft het belang van authentieke wetenschappers die zelf het verhaal vertellen en transparant zijn over wat ze doen. Ook noemen ze als speciaal aandachtspunt een houding van zelfreflectie en bescheidenheid. Wetenschappers moeten terughoudend zijn in het veroordelen van anderen en zich ervan bewust zijn dat ze zelf minder rationeel zijn dan ze denken.

I feel your pain

Als het gaat om het overbruggen van een kloof, kunnen wetenschappers wat leren van Sally Kohn. Ze typeert zichzelf als een ‘progressive lesbian talking head on Fox News’. Als Democraat bevindt ze zich op de uiterst conservatieve TV-zender in het hol van de leeuw en ze krijgt bijzonder veel negatieve reacties over zich heen. In een TED-talk vertelt ze hoe ze hiermee omgaat. Haar geheim is wat ze emotionele correctheid (ten opzichte van politieke correctheid) noemt. Ze probeert de negativiteit naast zich neer te leggen en op een persoonlijk niveau contact te leggen.

‘Als mensen zeggen dat ze Democraten haten, dan probeer ik me voor te stellen hoe bang ze zijn dat hun gemeenschap niet meer zal zijn zoals ze die kennen,’ geeft Kohn als voorbeeld. Overtuigen begint niet met ideeën, feiten of data, maar met emotioneel correct zijn, vertelt ze. Je kunt nog zo correct zijn, maar als mensen niet naar je luisteren, ga je ze niet overtuigen. Voor Kohn begint het met het tonen van respect en compassie die je anderen laat zien. ‘I feel your pain,’ zo verwoordde Bill Clinton het.

Let's try emotional correctness

Wat is de motivatie om wetenschappelijk bewijs te negeren?

Kohn praat over het oversteken van de kloof tussen Democraten en Republikeinen in de VS. Haar aanpak zou ook kunnen werken in de wetenschap. De kloof tussen wetenschap en sceptici is minstens zo groot. Gisteren presenteerde de Australische psycholoog Matthew Hornsey een strategie die hij Jiu Jitsu noemt. Kern hiervan is dat je de kracht van de tegenstander gebruikt om hem te vloeren. Hij wijst erop dat weerstand tegen wetenschappelijk onderbouwd bewijs vaak niet ligt aan onwetendheid of het niet begrijpen van bewijs. Het gaat er veel meer om dat mensen een motivatie hebben om wetenschappelijke bewijs te negeren. Met nog meer bewijs komen, heeft dan gewoon geen zin.

In zijn onderzoek onderzocht Hornsey waar de weerzin tegen wetenschap in geworteld is. Hiervoor introduceert hij een nieuw begrip dat hij ‘attitude roots’ noemt. Dit gaat om angsten, ideologieën en wereldbeelden die leiden tot bijvoorbeeld klimaatscepticisme, het ontkennen van de evolutietheorie of weerstand tegen vaccinatie. In hun studie brengt hij deze attitude roots gedetailleerd in kaart. Pas je de Jiu Jitsu strategie toe, dan bepaal je eerst waar de aversie van je gesprekspartner vandaan komt en pas je vervolgens je boodschap daarop aan.

Compassie

Ter illustratie van zijn idee noemt Hornsey het voorbeeld van iemand die tegen vaccinatie is. Als deze opvatting is gestoeld in de angst voor injecties of de afkeer van medisch ingrijpen, dan kun je erop wijzen dat je door te vaccineren in een later stadium meer injecties en medisch ingrijpen kunt voorkomen. Een wantrouwen in wetenschap dat stoelt op complotdenken, kun je pareren door erop te wijzen dat het verwerpen van wetenschap ook onderdeel van een complot kan zijn van partijen die daar belang bij hebben. Wellicht helpt wijzen op de olielobby.

Door de strategie de naam van een vechtsport te geven, klinkt de oplossing van Hornsey weinig empathisch en het gaat niet helpen om een dialoog te zien als gevecht. Toch biedt het onderzoek een grondige en bruikbare analyse van waar de aversie tegen wetenschap vandaan komt en hoe je daarmee kunt omgaan. Bovendien is dit soort kennis, nu de grondvesten van onze samenleving op het spel staan en gezien de rol die wetenschappers kunnen spelen om de kiezer dat duidelijk te maken, meer nodig dan ooit. En als je deze studie samenvat, zou je kunnen zeggen dat je je primaire reactie (wat je zegt is feitelijke onzin, wetenschap laat zien dat…) moet inslikken, goed moet luisteren en dan pas antwoorden. Dat je begrip moet tonen voor de emoties van de ander. Als iedereen dat zou doen, dan zou de wereld er een stuk op vooruit gaan.