Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Slapende tiener

Tieners slapen anders dan jongere kinderen. Ze gaan niet alleen vaak veel te laat naar bed; hun hersenactiviteit tijdens de slaap verandert ook. Deze verandering blijkt mooi samen te vallen met het moment waarop pubers seksueel volwassen worden.

Pubers veranderen graag hun slaapritme. Ze gaan steeds later naar bed, maar kunnen er ’s ochtends niet uit komen. Omdat hun volop in ontwikkeling zijnde lichaam wel veel slaap nodig heeft. Maar ook de manier waarop mensen in hun tienertijd slapen is anders dan hoe ze als kind slapen, schrijven Ian Campbell en drie collega-psychologen deze week in PNAS.

In slaap vallen gaat in fases. Eerst zak je zachtjes weg in een sluimertoestand. Daarop volgt een fase met ondiepe slaap, diepe slaap, en tenslotte de REM-fase. Die verschillende fases zijn goed van elkaar te onderscheiden als je iemands hersenactiviteit meet met behulp van een EEG. Dat is dan ook precies wat Campbell en zijn collega’s hebben gedaan. Ze namen zeventig pubers, en plakten zes jaar lang een aantal keer per jaar hun hoofden vol elektrodes, om te kijken wat de hersenen van de kinderen deden tijdens hun slaap. Dit alles gebeurde niet in een laboratorium (wat misschien sowieso een andere slaap had opgeleverd), maar bij de pubers thuis.

Bij een eerder onderzoek met een vergelijkbare opzet was het ’t Amerikaanse team van psychologen al opgevallen dat de hersenengolven tijdens de fase van de diepe slaap op een zekere leeftijd veranderen. In die diepe slaap, die heel belangrijk is voor het herstel van je lichaam, zenden je hersencellen golven uit met een hele lage frequentie, die deltagolven worden genoemd. Bij kinderen zijn de deltagolven veel sterker dan bij volwassenen. En ergens in de puberteit is er dus een omslagpunt, waarbij een duidelijke verandering in de sterkte van die hersengolven te zien is.

Campbell vroeg zich af of dat omslagpunt misschien samenhangt met het geslachtsrijp worden van pubers. Dus is dat wat hij en zijn team voor deze publicatie hebben onderzocht. Ze maten niet alleen de hersengolven van de kinderen, maar hielden (met behulp van een arts) ook bij wanneer de kinderen schaamhaar kregen en hoe hun geslachtsorganen zich ontwikkelden. En ze zagen een duidelijk verband tussen deze ontwikkelingen en de slaap.

Bij de meisjes werden de deltagolven tijdens hun diepe slaap minder sterk als ze gemiddeld 12,5 jaar oud waren. Dit was ook de leeftijd waarop de seksuele ontwikkeling van de meisjes begon. Bij jongens begonnen de slaapveranderingen later, gemiddeld pas als ze bijna 14 waren. En ook dit kwam mooi overeen met de leeftijd waarop de kinderen seksueel volwassen begonnen te worden. Bovendien zagen de psychologen dat bij kinderen die zich lichamelijk wat trager ontwikkelden, ook de veranderingen in de diepe slaap pas later optraden.

Campbell en zijn team denken dat de veranderingen in de hersengolven tijdens de slaap samenhangen met het feit dat er in de periode dat pubers volwassen worden flink wordt gesnoeid in het aantal verbindingen tussen hersencellen. Als kind maken je hersenen talloze verbindingen tussen talloze cellen aan. Dat is handig in een fase waarin je nog veel moet leren. Maar erg efficiënt is het niet; als er minder verbindingen zijn, kunnen je hersenen informatie sneller verwerken. Vandaar dat vanaf een bepaalde leeftijd er ook weer verbindingen worden afgebroken. En blijkbaar valt dit samen met het moment van geslachtsrijp worden.

Maakt het wat uit, die veranderingen in je diepe slaap tijdens de puberteit? Bijvoorbeeld voor je gezondheid? Daar laten de onderzoekers zich niet over uit. Maar waarschijnlijk niet. Als deze verandering inderdaad samenhangt met het snoeien van verbindingen in je hersenen, komt de afzwakking van de golven tijdens je slaap simpelweg doordat als er minder verbindingen zijn, je hersenen ook minder sterke activiteit vertonen.