Brieven die wetenschappers elkaar onderling schrijven zijn vaak een belangrijke bron voor biografen om het leven van zo'n wetenschapper te schetsen. Maar hoe gaat dat in het tijdperk van digitale correspondentie? Worden e-mails wel bewaard en hoe maak je ze toegankelijk? Structureel gebeurt er op dit moment nog niets en er dreigt een enorm digitaal gat te ontstaan sinds e-mail in 1994 in gebruik werd genomen. De Universiteitsbibliotheek Leiden probeert er iets aan te doen. Ze zijn begonnen met een proef om hoogleraren te stimuleren hun digitale correspondentie te bewaren, en over te dragen. Jeroen de Jager duikt met initiatiefnemer Mart van Duijn en Dirk van Delft, directeur van Museum Boerhaave in het brievenarchief.