Een levende cel bestaat uit niet-levend materiaal

Deze versnelde opname doet misschien sterk denken aan de groei van bacteriën in een petrischaaltje. Maar dat is het niet. Het is een morsdode chemische reactie. Dat ziet er niet alleen mooi uit, maar er gebeurt van alles. Het gaat van oranje naar grijs, weer terug naar oranje; het gaat heen en weer. Dat komt omdat in die oplossing allerlei stoffen tegen elkaar aan het strijden zijn. De ene stof veroorzaakt een andere stof, die weer de ene stof tegenwerkt. En zo fluctueert het, golft het, de hele tijd op en neer. En precies dat soort chemische processen liggen ten grondslag aan het leven. In onze cellen zijn de hele tijd dat soort stofjes en reacties aan de gang. Om de cel in leven te houden. Beweging in een chemische reactie is natuurlijk nog geen leven. Maar als je miljarden chemische reacties in perfecte harmonie laat samenwerken, en je stopt dat in een cel, en miljarden van die cellen gaan ook weer samenwerken, dan krijg je uiteindelijk een dier of mens dat leeft. Dat kan lopen, ademen en nadenken. We zijn in de haven waar volcontinu van alles wat we nodig hebben, precies op tijd, en zonder leiding van bovenaf vervoerd wordt. In levende cellen gebeurt precies hetzelfde. Moleculen in de cel maken transportroutes, andere moleculen sjorren voedingsstoffen naar de juiste plek in de cel. Op deze animatie is te zien hoe een motoreiwit een vetbolletje over de transportroutes van de cel trekt. Dit en nog veel meer gebeurt met een verbluffend tempo, dag en nacht, in iedere individuele cel, van alles wat leeft. Misschien wel het meest bijzondere is de logistiek van de cel. Heel veel componenten die allemaal op het juist moment het juiste moeten doen. De juiste onderdelen moeten worden aangevoerd, afgevoerd. Dat dat hele complexe geheel, met al die onderdelen precies zo werkt zoals het werkt, autonoom. Dat het er aankomt, reageert en weer weggaat; het lijkt veel op een haven. Cellen maken uit dode materie, structuren die vele malen ingewikkelder zijn dan welke door mensen gemaakte structuur dan ook. De natuurlijke cel is de basis van het leven zoals we dat kennen. En die cel wordt voor de wetenschap steeds minder geheimzinnig. Ergens droom ik dat we, in 50 tot 100 jaar van nu, iets van celletjes kunnen maken die helemaal zijn opgebouwd van moleculen die uit een laboratorium komen. Dat kunnen we nu nog niet, maar dan misschien wel. 'Waarom dan?', kun je je afvragen. Omdat ik hoop en denk dat uiteindelijk dat soort celletjes in staat zijn om plastic te gebruiken als grondstof om iets anders nuttigs te maken. Zeep. En in dat zeep weer een ander klein fabriekje komt dat teruggaat naar het plastic. Zodat we beginnen rond te draaien met de moleculen die wij hier op aarde hebben en kunnen maken.